· 

Alleen naar de speeltuin: Weet jij de volgende stap?

Als Steef naar het speeltuintje om de hoek wilt, gaat er altijd iemand mee. Maar wat zou het toch fijn zijn als Steef zelfstandig de deur uit kan wandelen. Is dat wel haalbaar?

 

 

 


Het lijkt me zo prachtig. Steef is zó gericht op socializen, dat het in zijn leven veel zal toevoegen. Gewoon even naar het speeltuintje om de hoek. Omdat hij daar zin in heeft. Wat een droomdoel.

 

 

Maar de moed zinkt me nu al in de schoenen.

 

Want dat droomdoel komt met een heleboel andere doelen die hij ook nog (lang) niet beheerst. 

  • Hij moet namelijk zelf op een veilige manier kunnen oversteken en verkeersregels in acht kunnen nemen.
  • Hij moet zich er zelfstandig een tijdje kunnen vermaken, alleen of met andere kindjes.
  • Hij moet vooral ook in dat speeltuintje kunnen blijven zonder dat hij ergens anders naar toe gaat.
  • Hij moet zelf ook weer thuis kunnen komen, misschien zelfs op een bepaald tijdstip.

En dit zijn er nog maar een paar...

Ik besluit de nieuwe doelen in mijn hoofd even los te laten en de focus te leggen op: 'Steef kan zelfstandig lopen naar het speeltuintje.'

Dus gewoon alleen ernaar toe wandelen. 
Ik denk graag dat we héél langzaam dichterbij dat droomdoel komen.
Maar ik ben er nog niet helemaal over uit of die gedachte terecht is. 

 

Even on the side... dit proces is al jaren bezig en zal ook nog jaren duren. Het is praktisch onmogelijk om dat in één blog te omschrijven.

Maar dit verhaal geeft wel een mooi kijkje in de ontwikkeling van dit droomdoel. Leuk dat je meeleest!

 

Daar gaan we.

 

Nooit alleen

Elke keer dat Steef een voet buiten de deur zet, gaat er iemand met hem mee.
Hij loopt nooit alleen over straat.
Door de jaren heen, hield ik steeds meer afstand. 
'Loop maar voorop,' zei ik dan. Inmiddels kan hij de mini-route (20 meter) naar de buurmeisjes twee huizen verderop zelf afleggen.

 

'Mag ik met de buurmeisjes spelen?' vraagt hij op een zonnige middag.
'Ga maar kijken of ze er zijn,' zeg ik.

'En als ze er niet zijn, dan moet je...' vragend kijk ik hem aan. 
'Terugkomen.' Steef maakt mijn zin netjes af.
Ik knik tevreden. 
Daar gaat hij. 
Ik kijk hem na.

 

Na 3 minuten ga ik kijken of Steef inderdaad lekker aan het spelen is.
Maar het lijkt erop dat de buren niet thuis zijn. Waar is Steef dan?
Na even zoeken, vind ik hem achter de auto. 
Op z'n hurken bekijkt hij de uitlaat van alle kanten (voor wie dit vreemd in de oren klinkt: 'uitlaten' zijn z'n nieuwste obsessie. Je moet je voorstellen dat hij achter praktisch ELKE auto zo gaat zitten).

 

Waarom is hij niet gewoon naar huis gekomen, zoals we hadden afgesproken?
Ik babbel even met 'm.
 

Ik:  'Heee Steef. Heb je aangebeld?'

Hij: 'Ja. Ze zijn er.'
Ik:  'Deden ze open?'
Hij: 'Ja.'
Ik:  'Wie was er dan?'
Hij: 'Niemand.'
Ik:  'Is de achterdeur open?'
Hij: 'Nee, maar ze zijn er wel. De auto is er.'
Ik:  'Steef, ze zijn er niet, want ze doen de deur niet open. En wat moest je dan ook alweer doen?'

'Naar huis komen,' zegt hij met een sip stemmetje. 
Ik neem een huilende Steef terug naar huis.
Ondertussen slaat de twijfel toe: is dit droomdoel wel haalbaar? 

 

 

IJs

Een paar dagen later eten we een ijsje in het dorp. Ook al lust Steef geen ijs, hij gaat graag mee. Op het terras is het een komen en gaan van mensen. Hij zwaait naar alle bekende gezichten van school die op de fiets voorbij komen. En aangezien alle kinderen op school inmiddels gewend zijn aan zijn overdreven enthousiasme, wordt er druk terug gezwaaid en geroepen: 'Hoi Steef, tot morgen op school!'

Op het terrasje komt Melle uit groep 7 even met hem kletsen.
'Steef vraagt of hij mijn fiets mag zien,' vraagt Melle. 'Is dat goed?'
Aangezien we nog aan het genieten zijn van het ijsje, zeg ik: 'Doen we zo wel even, dan loop ik mee.'
'Ik blijf wel bij hem,' zegt Steef.
Tja... ik kan vanuit het terras zien waar Melle's fiets staat.

Netjes aan de kant. Maar er willen ook auto's parkeren.

Ik sta in dubio.
Melle ziet me twijfelen.
'En ik breng 'm ook weer terug,' zegt hij snel. 

 

'It takes a village to raise a child,' denk ik glimlachend als ik toestem. 
Melle heeft geen woorden nodig om te snappen waar 'm de kneep zit. 

En ineens... weet ik wat de volgende stap kan zijn om weer een stapje dichterbij het droomdoel te komen. 

Jij ook?

Aan welke stap denk jij? 

 

 

 


Maud Wilms is liedjesmaker en inspirator.
Ze heeft twee zonen: Steef (2009) en Len (2011).
Lees hier meer over haar.

 

Maud schreef het boek 'Len en zijn broer - een verhaal waarin iedereen meedoet. Voor kinderen die opgroeien met een broer, zus, klas- of buurtgenoot met een beperking levert dit een wereld vol herkenning op. Onmisbaar in elke boekenkast! Je bestelt het hier!



Lees meer blogs over:


Wil je Mauds hartverwarmende Meedoen-verhalen in je mailbox ontvangen?